Je manoeuvreert eenheden over de kaart als stukken op een schaakbord, alleen is het geen schaken — het is oorlog. Battle Isle 2 is een turn-based strategiespel waar overwinning wordt bepaald door berekende zetten, niet door reflexen, en dat is precies waarom het na dertig jaar nog steeds boven water blijft.

Het is een tactisch slag-strategiespel. Je schuift eenheden op een zeshoekig raster, schiet op vijanden, verzamelt munitie en geneest gewonde soldaten. De graphics zijn functioneel — eenheden glimmen als plastic miniatuurtjes, het landschap is vlak en helder, muziek bruist zachtjes op de achtergrond. Het is niet Dune 2, wat je omver zou blazen, maar je hoeft je geen zorgen te maken over waar alles is. Alles is in één oogopslag zichtbaar.
Wat Battle Isle interessant maakt is zijn trage, berekende tempo. Je wordt niet onder tijdsdruk gezet. Je kunt gaan zitten en nadenken over welke eenheid je naar het andere einde van de kaart verplaatst en waar je deze positioneert zodat vijanden je niet vanuit de struiken overvallen. Eenheden hebben beperkte beweging, brandstof, munitie — alles telt. Eén slecht geplaatste eenheid en je voelt het vijf beurten later nog. Het spel leert je om na te denken en te berekenen, niet zomaar op het toetsenbord in te slaan.
Het is vooral in snelheid verouderd — slepen kan traag zijn, je wacht op animaties, eenhedenverplaatsingen voelen eeuwig. De moderne geest wil meer, maar in de jaren negentig was dit precies het juiste tempo voor een potje ontspanning met het geluid hard als je tijd te doden had.
Tegenwoordig speel je het als je strategie zonder magie en zonder online multiplayer drama wilt. Voor sommige mensen is dat precies wat ze zoeken — stille, wiskundige oorlogsvoering — exact wat ze van een tactisch spel willen. Als je het type bent dat drie uur achtereen zal zitten en zetten vooruitplant, zul je je vermaken.